Kreupelheidsonderzoek
Kreupelheid is een symptoom, geen diagnose. Een paard dat mank loopt, vertelt je dát er iets is, niet wát. Daarom werk ik een vast onderzoek af, stap voor stap, tot de oorzaak boven water komt.
Eerst inspectie en palpatie van het kreupele been. Een belastingskreupel paard zet het been in rust anders neer, en bij een verwaarloosde kreupelheid is de hoef vaak smaller en hoger geworden. Daarna volgt hoefonderzoek met de hoeftang, passief bewegen van de gewrichten, en beoordeling in stap en draf op harde en zachte bodem, indien nodig ook aan de longe of onder het zadel.
Met buigproeven span ik gedurende één tot twee minuten een gewricht aan om pijnreacties op te roepen. Blijft het onduidelijk, dan bakenen diagnostische verdovingen de zone af: geleidingsverdoving voor een heel gebied, of verdoving rechtstreeks in een gewricht, peesschede of slijmbeurs. Pas als we weten wáár het zit, maken we beelden.
- Inspectie en palpatie van het kreupele been
- Hoefonderzoek met de hoeftang
- Passief bewegen van de gewrichten
- Bewegingsonderzoek in stap, draf en galop
- Buigproeven van ondervoet, kogel, carpus, spronggewricht en knie
- Geleidings- en gewrichtsverdovingen
- Röntgen en echografie ter plaatse
- Doorverwijzing bij MRI, CT of artroscopie